Woordenschat van les 6

Zelfstandige naamwoorden: de familie

爸爸 bàba : papa

妈妈 māma : mama

哥哥 gēge : grote broer

姐姐 jiějie : grote zus

弟弟 dìdi : kleine broer

妹妹 mèimei : kleine zus

儿子 érzi : zoon

女儿 nǚ'ér : dochter

孩子 háizi : kind

jiā : gezin, huis

家人 jiārén : familieleden

Werkwoorden

yǒu : hebben

没有 méiyǒu : niet hebben

Classificatoren & Voegwoorden

: algemene classificator

kǒu : classificator (leden van een gezin)

: en (voegwoord)

Telwoord

liǎng : twee (voor een classificator)