Hoofdstuk 71 van het Laozi

Chinese text

zhīzhīshàngzhīzhībìng
shìshèngrénbìng
bìngbìngshìbìng

Translation

Weten en (denken dat men) niet weet, dat is de hoogste deugd.
Niet weten en (denken dat men) weet, dat is de ziekte (van de mensen).
Als je je zorgen maakt over deze ziekte, dan ervaar je ze niet.
De Heilige ervaart deze ziekte niet, omdat hij zich daar zorgen over maakt.
Daarom ervaart hij ze niet.

Notes

Het woord bìng wordt acht keer in dit hoofdstuk gebruikt (dat slechts 28 woorden bevat), zowel als zelfstandig naamwoord als als neutraal werkwoord. Het is aan de commentator 河上公 Héshàng Gōng te danken dat ik de 2e en 6e bìng heb vertaald als 'zich zorgen maken' ( 'bitter, pijnlijk, zorgwekkend vinden'), en de 4e, 5e en 8e als 'ziek zijn, een ziekte ervaren'; 有病 yǒu bìng.

A: Het Tao kennen en zeggen dat men het niet kent, dat is de hoogste deugd.

E: Verblind worden door de kennis die ontstaat door contact met zintuiglijke dingen, en het niet bezitten van het niet-weten dat het echte weten vormt, dat is de algemene fout van de mensen van deze tijd. Daarom, als degene die het Tao kent terugkeert naar het niet-weten, is dat het teken van een opmerkelijke deugd.

In hoofdstuk X drukt Laozi dezelfde gedachte uit wanneer hij zegt: 'Als de mens zich kan bevrijden van de lichtjes van de intelligentie, zal hij vrij zijn van alle gebreken (moreel)'.

E: Degene die het Tao niet kent, hecht zich aan valse kennis en neemt die voor solide kennis. Zodra de valse kennis in zijn geest aanwezig is, wordt het voor hem een (soort van) ziekte.

E: Valse kennis is de ziekte van onze natuur. Als men weet dat valse kennis een ziekte is en zich daar zorgen over maakt (letterlijk: 'en ze als een ziekte beschouwt'), dan ervaart men de ziekte van valse kennis niet.

E: Het Tao kennen en (denken) dat men het niet kent, dat is precies het werk (letterlijk: 'de zaak') van de Heilige. De Heilige is vrij van de ziekte van valse kennis, omdat hij zich daar zorgen over maakt. Daarom verlaat de ziekte van valse kennis hem.